Uncategorized

Funny Fajolles

Ze zijn niet van mij. Ik rij erdoor, ik luister, kijk, voel en toch zijn ze niet van mij. Steeds wanneer ik ergens nieuw kom, maak ik de wegen de mijne. Soms gebeurt het heel snel, op twee, drie dagen. Soms voel ik het pas de dag dat ik weer vertrek en afscheid neem.

Mijn jonge jaren in het buitenland noopten me tot het hechten aan onbekende plaatsen. Wanneer je jaren na elkaar niet meer ‘thuis’ bent en van Spanje naar Griekenland naar Cyprus naar Ibiza vliegt voor je werk met af en toe een tussenstopje in België weet je na een tijd niet meer of je nu naar huis vliegt of van huis weg. Wat voelt  nog als thuis, als je nooit thuis bent. Dus leer je truukjes om onbekende steden, straten de jouwe te maken.

Aan het rondpunt rechtsaf… Na drie, vier dagen zie je dat het oude mannetje elke dag weer op die bank zit. Dan groet je hem, en hij jou. Na zes dagen, wuift hij je al van ver toe en maak je een kort praatje. Na twee weken vertelt hij je over zijn overleden vrouw, zijn grote liefde of zijn zieke dochter.

Het rondpunt kan een boom zijn of een geldautomaat en het oude mannetje kan ook een vrouw zijn, of een kind dat  buiten speelt. Automatisch hecht ik me, aan plaatsen, mensen, dingen. En toch gebeurde het dit keer niet.

Twee weken verbleef ik  in Fajolles, een Frans dorpje vlak bij Cahors. Groen, zo groen dat je veel vocht en regen vermoedt en ook krijgt. Wijds, zo wijds dat je de velden van eenzaamheid verdenkt. En kijk, …de boer die zijn veld dag na dag harkt wanneer ik – met de vuilniszak achter aan de buggy gehaakt – voorbij wandel, draait zijn hoofd. Geen gedag, geen knikje en dat irriteert me. He vriend, we zijn toch maar mensen onder elkaar op deze aardkloot. Wat maakt jou zo nors, gesloten, mensenschuw? Kijk me aan, praat met me. Wat meer is er in het leven dan af en toe een ander mens tegen het lijf lopen, van lucht, gedachten, ervaring wisselen. Wat mooier is er dan mensen? Niet op mijn woorden en niet op mijn gedachten reageert hij.

Na drie dagen roep ik overdreven luid: ‘BONJOUR!’ en zwaai vrolijk lachend naar hem. Hij kijkt me giftig aan en harkt woest verder in zijn moestuin. Vier kolen heeft hij staan. Vier. Ik vraag me af hoe hij beslist heeft om precies vier kolen te planten, maar ik vraag het maar niet.  Als een eenvoudig ‘bonjour’ al gif oogst, wat krijg ik dan bij een vraag?

Maar er is meer, meer dan de norsheid van het volk dat me doet aarzelen om me te hechten. Er hangt hier een somberheid, een druk, een oud zeer…

Vandaag rij ik terug naar huis, mijn wagen vol vuile was en gebronsde kinderen. Ik laat het vakantiehuis achter, het zwembad, de buitenkeuken, de heerlijke herinneringen aan mooie avonden en hete middagen. Ik vierde vakantie, intens, lui, zwelgend en verzwelgend en nu is het genoeg. Soms hecht ik me niet en is het gewoon genoeg. Ze hoeven niet altijd van mij te zijn, de straten. Zo blijkt.

Fajolles, jusqu’a plus jamais, denk ik, maar dan ook weer…je weet maar nooit.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s