communicatie, mannen, Vrouwen

Excuus

 “Ik bedoelde het zo niet.” Hoe vaak klinkt zo’n zinnetje pijnlijk in je oren? Hoe onmogelijk is het om oprecht te communiceren? Hoe vaak zijn we oprecht met onszelf? Laat staan met anderen. Ik bots steeds vaker met dit soort uitspraken. Niet dat ik een misverstand niet kan verdragen of plaatsen, maar ik merk steeds vaker dat velen dingen zeggen of doen omdat ze de ware eigenheid, hun ware identiteit of bedoelingen niet willen prijs geven. Verschillende redenen liggen aan de oorsprong van dat gedrag: angst, zelfbehoud, trots, overlevingsdrang. Zelden start zo’n lamentabele communicatie uit slechte bedoelingen, uiterst zelden. Meestal draait ze echter uit op discussie, ruzie en het bemoeilijken van verhoudingen of relaties, terwijl het oorspronkelijk misschien wel de bedoeling was om nu precies die verhouding of relatie veilig te stellen.

  Te theoretisch? Verdrink even met me mee in de realiteit. Ik heb persoonlijk een hekel aan leugens. Leugens geven me het gevoel dat de persoon die me de leugen vertelt, me houdt voor een dommerik, iemand die je met gemak kan bedriegen en het toch niet doorheeft. Dat gevoel ontstaat uiteraard bij mezelf, misschien wel uit onzekerheid, uit arrogantie, geen idee, maar dat het gevoel van desapreciatie bij mij ontstaat, daar ben ik me van bewust. Toch is liegen een reflex die zowat 99.99 percent van de bevolking heeft en dan heb ik het nog niet over het met opzet verzwijgen van zaken, wat ik theoretisch niet tot liegen reken. Bovendien ben ik in mijn intolerantie tegen liegen flexibel en ruimdenkend. Bijvoorbeeld, als je zegt: ‘ik ga vanavond met Marie uit’ maar je verzwijgt dat je met Marie ook de koffer induikt…heb je dan gelogen? Hm, een moeilijke he…

Mijn kinderen weten als niemand anders dat ik van een leugen een beest kan worden. Het doet me briesen, roepen. Als er een manier is om de histerica in mij te doen ontwaken, lieg dan tegen me. Ik praat en stel vragen en ga door tot op het bot tot de leugenaar niet anders kan dan toegeven dat hij gelogen heeft, of met de staart tussen zijn benen afdruipt met de wetenschap dat ik weet dat hij gelogen heeft. Ik graaf tot de modder der leugen onder mijn nagels zit. Wie liegt, snij ik open.

En toch… ‘Ik heb het laatste flesje shampoo niet genomen’ zegt mijn dochter ’s ochtends wanneer ik met natte haren onder de douche sta en geen shampoo vind. Wie het laatste flesje uit de kast neemt, schrijft het op het boodschappenlijstje. Zo werkt dat bij ons. Als iedereen dat telkens doet, sta je nooit zonder. Net zo met koffie en rijst en boter en noem maar op. Het is een eeuwenoud roulatiesysteem, vast uitgevonden door een of andere degelijke Vlaamse huisvrouw, maar het werkt effectief, vooral als je een gezin met zeven kinderen runt. (ja, 7, gaan we daar terug over beginnen?) Tenzij je vergeet dat je shampoo op het boodschappenlijstje moest schrijven natuurlijk.

Ik stel de vraag opnieuw, kregeliger deze keer, want het antwoord op de vraag die start met ‘wie heeft…’ krijgt meestal als antwoord, ‘Ik niet.’ Wat dus evenveel is als helemaal geen antwoord. ‘Ik vroeg niet of jij het was, ik vroeg WIE!’ ‘Ai, niet roepen,’ zegt de jongste dan en ze legt haar handen plat met de palmen op haar oren, haar ellebogen heel wijd open. Meestal doet de elastische mimiek van haar gebronsde gezichtje me lachen, maar niet als ik voel dat er een ‘lieg-moment’ zit aan te komen.

‘WIEHIE?’ herhaal ik terwijl ik mijn haar met douchegel inzeep. Het ergerlijke aan moeders is dat ze meestal een vraag stellen waar ze het antwoord al op kennen, gewoon om je te leren dat je eerlijk moet zijn. Of beter, het ergerlijke aan mij als moeder… Ondertussen staat mijn zoon neuriënd voor de spiegel, zijn haar in gel te zetten, lekker gewassen met het laatste kwakje shampoo. Wanneer ik zijn naam brul en hem de vraag herhaal die al zeven keer door de badkamer gonsde, zegt hij met een vuurrode streep over zijn voorhoofd. ‘Ik was het niet. Ik weet niet wie het was, maar ik was het niet.’

Naast liegen hebben mijn kinderen immers ook een streng verbod op verklikken. Wij zijn voor de solidariteit en het maffia-gevoel is in mijn familie altijd redelijk sterk geweest. Wij verdedigen nog steeds de cosa nostra tegen de buitenwereld en ranselen daarna –bij wijze van spreken – de misdadiger uit onze bende zelf wel even af. Je verlinkt je eigen bloed niet. Nu, in een modern samengesteld gezin passen we die basisregel even aan met een uitbreidinkje hier en daar. Wij verlinken elkaar niet. Wie die elkaar is, dat is dan weer vatbaar voor interpretatie, familie, vrienden, halve familie…maar weet gewoon dat je beter niet iemand verlinkt waarvan de andere vindt dat die bij het groepje ‘elkaar’ hoort.

Wijs als hij is, of denkt te zijn, gebruikt mijn zoon dat ene zinsdeeltje om zichzelf buiten schot te werken. ‘Ik weet niet wie het is, maar…’ De rode streep op zijn voorhoofd doet hem echter de das om en bevestigd mijn bleekblauw vermoeden. Dus …je vergeet om shampoo op het lijstje te schrijven, niet leuk. En dan? Vergeten is menselijk, dat is helemaal niet erg. Toch is de eerste reactie, ik lieg snel even. Waarom liegen? Uit angst voor ruzie? Uit zelfbehoud? Ook als je weet dat liegen erger is dan iets vergeten? Vreemd toch, en toch is het slag op keer hetzelfde verhaaltje.

 Nu, de zoon waar ik het over heb is twaalf en op die leeftijd bereik je meer door te lachen en hem te wijzen op zijn idiote reactie dan met een reprimande. Op je twaalfde wil je niet meer de les gespeld worden, maar nog veel minder wil je uitgelachen worden. Zeker niet als je drie jongere zussen erbij staan. Zo’n leugentje, dat is maar een concreet voorbeeld van de vreemde communicatie die wij dagelijks met elkaar voeren.

En laat het flesje shampoo vooral geen aanleiding zijn tot ongenoegen, teleurstelling of gekwetste gevoelens. Een beetje robuustheid moet je eigen zijn. Maar deze theorie herhaalt zich in honderden uitspraken elke dag weer en eindigt zo vaak in het zinnetje: ‘ik had het zo niet bedoeld’.

Dan uitte ik deze week bij een lieve vriend mijn ongenoegen en kreeg ik als antwoord: ‘Jij verwacht teveel van de mensen om je heen. De standaard waaraan ze moeten voldoen is zo immens hoog.’ En ik slikte zijn antwoord door en herkauwde. Nu, als vrienden al niet meer zonder blad voor de mond mogen spreken…maar ik had toch even werk met mezelf en met de demonen in mijn hoofd. ‘Ik verwacht niks’ ging hij verder ‘En als ik mensen zoals jij tegenkom, is dat een cadeautje’ Einde pleidooi, begin zelfanalyse.

Nu, zo’n weekje na mijn beklag bij die vriend, ben ik er dan uit…Ik kan niet anders, dan tegen mijn bende – zo iedereen die ik beschouw als ‘elkaar’ – te zeggen, ‘sorry dat ik de lat zo hoog legde. Ik bedoelde het zo niet’, maar dan ook weer. Wie is daar iets mee?

Advertenties

2 thoughts on “Excuus”

  1. Trix, jij beheert de kunst omdat neer te schrijven wat ook mij zo bezighoudt. De mens die rechtuit zijn mening uit, die zonder fluwelen handschoenen de dingen vastgrijpt en zijn pure zichzelf is… die botst. Sorry is not the hardest word!
    En je shampoo-verhaal… ik heb zo een WC-papier verhaal; zo herkenbaar maar drijft mij ook tot die kleine waanzin.
    Ik lees met graagte verder en word een trouwe fan.
    Ik vermoed dat een avondje café-leuteren met jou wel eens heel erg diep zou kunnen gaan.

    Leen

  2. Oei Trix… Een beest worden, briesen, hysterica… Het is waarschijnlijk als theorietje bedoeld, maar laten we er eens op verderbomen. Hoe reageer je dan wanneer ze de waarheid zeggen? Je kan ze dan toch ook niet belonen? Doet mij denken aan het verhaal van een kennis op het strand die zijn hond tevergeefs terugroept. Na x keer roepen (wat natuurlijk bij het baasje het gevoel geef dat iedereen rond hem denkt dat hij geen gezag heeft over zijn hond) komt het dier eindelijk af (ik beklaag het schaap al). Beloon je het dan omdat het terugkomt? Want als je het straft, waarom zou het dan volgende keer nog terugkomen?
    Terug naar de kinderen. Het liegen is misschien om nog erger te voorkomen? En dat doet mij dan weer denken aan een dief die werd vrijgesproken nadat hij een pc had gestolen uit een lokwagen van de politie. De rechter beoordeelde dit als uitlokken. Zo een leugentje van een 12-jarige lok je toch ook uit door uit je vel te schieten (in de douche moet dat anders wel een leuk zicht zijn ;o) )
    Op die leeftijd kan je er toch geen manager in spé van maken? Misschien toch maar de voorraadorganisatie thuis in vraag stellen?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s